Verpleegkundig redeneren en handelen inleidend 3
Het voortplantingsstelsel
19. Voortplantingsstelsel
19.0. Vooraf: enkele begrippen
- Gameten: 23 chromosomen
Voortplantingscellen
Bij dieren: spermacel en eicel
- Bevruchting: 2 x 23 chromosomen
Versmelting van een mannelijke en vrouwelijke gameet
- Gonaden:
Voortplantingsorganen
Bij mensen: testes & ovaria
- Zygote: 46 chromosomen
Bevruchte eicel
Alle cellen die hieruit voortkomen vormen het menselijke lichaam en hebben
hetzelfde erfelijke materiaal
19.1. Mannelijke geslachtsorganen: een overzicht
- Testes
- Epididymis – zaadleider – urethra
- Accessoire klieren
- Zaadvocht
- Penis
- Hormonen
1
,Verpleegkundig redeneren en handelen inleidend 3
Testes
- Testikels of zaadballen: primaire geslachtskenmerken
- Hangen op in scrotum:
Twee scrotumholten: bevatten elk één testikel (5 cm lang, 3 cm breed, 2,5 cm dik –
gewicht: 10 tot 15 gram)
Dunne huidlaag met glad spierweefsel (tunica dartos)
Contractie tunica dartos geeft balzak gerimpeld uitzicht
Onder de lederhuid: m cremaster (spier):
Samentrekken: testes korter bij het lichaam
Ontspannen: testes iets lager, lagere temperatuur
Doel: testes op 1,1°C lager dan de lichaamstemperatuur voor
spermatogenese
Uitlokken van cremasterreflex door te strelen aan binnenkant van de dijen
- Bouw:
Testes verpakt in dicht vezelig kapsel: tunica albuginea
Van hieruit vertrekken collagene vezels, deze vormen tussenschotten (septa)
2
, Verpleegkundig redeneren en handelen inleidend 3
Geeft een verdeling in ongeveer 250 lobjes, bevat 800 opgerolde testiskanaaltjes =
1,5 km/testis
Spermatogenese vindt plaats in testiskanaaltjes
Tijdens afrijping doorstuwing naar de rete testis naar epididymus
- Tussen de testiskanaaltjes:
Interstitiële cellen: produceren androgenen (= testosteron)
Sertolicellen zijn steunende cellen die de zich ontwikkelende spermacellen voeden
Spermacellen hebben geen opslagplaats voor energie => energie afkomstig van vocht
Interstitiële cellen = hormonale cellen
3
Het voortplantingsstelsel
19. Voortplantingsstelsel
19.0. Vooraf: enkele begrippen
- Gameten: 23 chromosomen
Voortplantingscellen
Bij dieren: spermacel en eicel
- Bevruchting: 2 x 23 chromosomen
Versmelting van een mannelijke en vrouwelijke gameet
- Gonaden:
Voortplantingsorganen
Bij mensen: testes & ovaria
- Zygote: 46 chromosomen
Bevruchte eicel
Alle cellen die hieruit voortkomen vormen het menselijke lichaam en hebben
hetzelfde erfelijke materiaal
19.1. Mannelijke geslachtsorganen: een overzicht
- Testes
- Epididymis – zaadleider – urethra
- Accessoire klieren
- Zaadvocht
- Penis
- Hormonen
1
,Verpleegkundig redeneren en handelen inleidend 3
Testes
- Testikels of zaadballen: primaire geslachtskenmerken
- Hangen op in scrotum:
Twee scrotumholten: bevatten elk één testikel (5 cm lang, 3 cm breed, 2,5 cm dik –
gewicht: 10 tot 15 gram)
Dunne huidlaag met glad spierweefsel (tunica dartos)
Contractie tunica dartos geeft balzak gerimpeld uitzicht
Onder de lederhuid: m cremaster (spier):
Samentrekken: testes korter bij het lichaam
Ontspannen: testes iets lager, lagere temperatuur
Doel: testes op 1,1°C lager dan de lichaamstemperatuur voor
spermatogenese
Uitlokken van cremasterreflex door te strelen aan binnenkant van de dijen
- Bouw:
Testes verpakt in dicht vezelig kapsel: tunica albuginea
Van hieruit vertrekken collagene vezels, deze vormen tussenschotten (septa)
2
, Verpleegkundig redeneren en handelen inleidend 3
Geeft een verdeling in ongeveer 250 lobjes, bevat 800 opgerolde testiskanaaltjes =
1,5 km/testis
Spermatogenese vindt plaats in testiskanaaltjes
Tijdens afrijping doorstuwing naar de rete testis naar epididymus
- Tussen de testiskanaaltjes:
Interstitiële cellen: produceren androgenen (= testosteron)
Sertolicellen zijn steunende cellen die de zich ontwikkelende spermacellen voeden
Spermacellen hebben geen opslagplaats voor energie => energie afkomstig van vocht
Interstitiële cellen = hormonale cellen
3