Groep 1: Herdershonden en Veedrijvers
Veedrijvers
België
1. Vlaamse Koehond
→ grote honden
→ waakhond
→ lage sprong
→ weinig stop
→ baard + snor
→ uniforme kleuren
Australië
2. Australische Veedrijver = Australian cattle dog
→ middelgrote honden
→ zeer veel beweging nodig
→ hapt naar hielen waardoor minder geschikt voor
schapen
Herdershonden
België
3. Groenendaeler
→ waak-en beschermingshond
,4. Tervurense herder
→ zwart masker
5. Mechelaar
→ kortharig
→ zwart masker
6. Lakense Herder
→ lang ruw haar
→ baard + snor
7. Schipperke
→ kleine honden
→ oorspronkelijk herdershondje
→ nu vooral gezelschaps- en waakhondje
,Duitsland
8. Duitse Herder
→ grote honden
→ waak- en verdedigingshond
→ ruime gangen
→ Sint-Hubertusklauwen kunnen voorkomen
→ al of niet mantel
→ 3 beharingsvormen: stokharig (meest gewenst),
langstokharig, langharig
Frankrijk
9. Beauceron
→ grote honden
→ waak- en verdedigingshond
→ black and tan
→ dubbele Sint-Hubertusklauwen
→ kleuren:
- zwart met roodbruine aftekeningen
- merle (blauwgevlekt met roestbruine aftekeningen)
10. Briard
→ grote honden
→ waak- en verdedigingshond
→ geen glad haar
→ baard + snor + wenkbrauwen
→ lang behaarde oren
→ dubbele Sint-Hubertusklauwen
Nederland
, 11. Hollandse herder
→ grote honden
→ goudgestroomd/ zilvergestroomd
→ korthaar (frequent), ruwhaar of langhaar
12. Saarloos Wolfshond
→ grote tot reuze honden
→ stokharige vacht
→ uit Duitse herders en wolven
Verenigd Koninkrijk
13. Bobtail = Old English Sheepdog
→ grote honden
→ zeer korte staart (nu soms ook lang)
14. Collie = Schotse Herder
→ middelgrote tot grote honden
→ tippende oren
→ langhaar (rough) of korthaar (smooth)
Veedrijvers
België
1. Vlaamse Koehond
→ grote honden
→ waakhond
→ lage sprong
→ weinig stop
→ baard + snor
→ uniforme kleuren
Australië
2. Australische Veedrijver = Australian cattle dog
→ middelgrote honden
→ zeer veel beweging nodig
→ hapt naar hielen waardoor minder geschikt voor
schapen
Herdershonden
België
3. Groenendaeler
→ waak-en beschermingshond
,4. Tervurense herder
→ zwart masker
5. Mechelaar
→ kortharig
→ zwart masker
6. Lakense Herder
→ lang ruw haar
→ baard + snor
7. Schipperke
→ kleine honden
→ oorspronkelijk herdershondje
→ nu vooral gezelschaps- en waakhondje
,Duitsland
8. Duitse Herder
→ grote honden
→ waak- en verdedigingshond
→ ruime gangen
→ Sint-Hubertusklauwen kunnen voorkomen
→ al of niet mantel
→ 3 beharingsvormen: stokharig (meest gewenst),
langstokharig, langharig
Frankrijk
9. Beauceron
→ grote honden
→ waak- en verdedigingshond
→ black and tan
→ dubbele Sint-Hubertusklauwen
→ kleuren:
- zwart met roodbruine aftekeningen
- merle (blauwgevlekt met roestbruine aftekeningen)
10. Briard
→ grote honden
→ waak- en verdedigingshond
→ geen glad haar
→ baard + snor + wenkbrauwen
→ lang behaarde oren
→ dubbele Sint-Hubertusklauwen
Nederland
, 11. Hollandse herder
→ grote honden
→ goudgestroomd/ zilvergestroomd
→ korthaar (frequent), ruwhaar of langhaar
12. Saarloos Wolfshond
→ grote tot reuze honden
→ stokharige vacht
→ uit Duitse herders en wolven
Verenigd Koninkrijk
13. Bobtail = Old English Sheepdog
→ grote honden
→ zeer korte staart (nu soms ook lang)
14. Collie = Schotse Herder
→ middelgrote tot grote honden
→ tippende oren
→ langhaar (rough) of korthaar (smooth)