THEORIE BLOK 10
Inhoud
Fysiologie H10 + H11 + H15......................................................................................................................................2
H10: Bloedsomloop..............................................................................................................................................2
H11: Ademhaling..................................................................................................................................................4
Inspanningsfysiologie (H2.5 + H3.2.4 + H5.2.5 + H5.5 + H10 + H11 + H12 + H13.5 + H13.6 + H15.4).....................9
KNGF Richtlijn COPD...............................................................................................................................................15
KNGF Hartrevalidatie..............................................................................................................................................22
,FYSIOLOGIE H10 + H11 + H15
H10: BLOEDSOMLOOP
Atrioventriculaire kleppen (AV-kleppen):
1. Mitralisklep (links)
2. Tricuspidalisklep (rechts)
Prikkelvorming en geleiding
Sinusknoop: hier ontstaan prikkels door
langzame depolarisatie waardoor een
actiepotentiaal ontstaat (freq = 70/min)
AV-knoop, bundel van His en Prukinje-
vezels: actiepotentiaal gaat naar de AV-
knop vetraging zodat er bloed in het
ventrikel kan stromen actiepotentiaal
gaat verder naar bundel van His en
Prukinje-vezels depolarisatie hart
contraheert
, Hartcyclus
1. De ventrikels worden gevuld vanuit de atria: bloed stroomt door geopende AV-kleppen.
2. Bij het begin van de ventrikelcontractie sluiten de AV-kleppen.
3. De arotakleppen en pulmonaliskleppen gaan open.
4. De ventrikels contraheren verder en pompen bloed uit.
5. De ventrikels worden kleiner.
6. Ventrikeldruk neemt af en wordt zo lager dan de druk in de aorta.
7. De aorta- en pulmonaliskleppen sluiten.
Inhoud
Fysiologie H10 + H11 + H15......................................................................................................................................2
H10: Bloedsomloop..............................................................................................................................................2
H11: Ademhaling..................................................................................................................................................4
Inspanningsfysiologie (H2.5 + H3.2.4 + H5.2.5 + H5.5 + H10 + H11 + H12 + H13.5 + H13.6 + H15.4).....................9
KNGF Richtlijn COPD...............................................................................................................................................15
KNGF Hartrevalidatie..............................................................................................................................................22
,FYSIOLOGIE H10 + H11 + H15
H10: BLOEDSOMLOOP
Atrioventriculaire kleppen (AV-kleppen):
1. Mitralisklep (links)
2. Tricuspidalisklep (rechts)
Prikkelvorming en geleiding
Sinusknoop: hier ontstaan prikkels door
langzame depolarisatie waardoor een
actiepotentiaal ontstaat (freq = 70/min)
AV-knoop, bundel van His en Prukinje-
vezels: actiepotentiaal gaat naar de AV-
knop vetraging zodat er bloed in het
ventrikel kan stromen actiepotentiaal
gaat verder naar bundel van His en
Prukinje-vezels depolarisatie hart
contraheert
, Hartcyclus
1. De ventrikels worden gevuld vanuit de atria: bloed stroomt door geopende AV-kleppen.
2. Bij het begin van de ventrikelcontractie sluiten de AV-kleppen.
3. De arotakleppen en pulmonaliskleppen gaan open.
4. De ventrikels contraheren verder en pompen bloed uit.
5. De ventrikels worden kleiner.
6. Ventrikeldruk neemt af en wordt zo lager dan de druk in de aorta.
7. De aorta- en pulmonaliskleppen sluiten.