Staatsrecht – Beginselen van het Nederlandse staatsrecht H2
Bronnen van het staatsrecht:
Grondwet
Gewoonterechtelijke regels
Geschreven regelingen in de vorm van wetten of amvb’s
Geschiedenis van de Grondwet:
Voor duidelijker overzicht: zie hoorcolleges Staatsrecht week 1 college 1!
1579 Unie van Utrecht, eerste Nederlandse staatsregeling
o Verdrag tussen een aantal soevereine provincies
Einde Republiek der Verenigde Nederlanden Bataafse Republiek
o 1798 Staatsregeling voor het Bataafsche volk (grondwet)
o 1801 en 1805 Staatsregelingen des Bataafschen Volks
o 1806 Constitutie voor het Koningrijk Holland
o 1814 Grondwet voor de Verenigde Nederlanden
o 1815 Grondwet voor het Koninkrijk der Nederlanden (nog steeds van
kracht tegenwoordig na veel wijzigingen)
Belangrijkste wijzigingen Grondwet:
o 1840 invoering strafrechtelijke verantwoordelijkheid ministers
o 1848 invoering politieke verantwoordelijkheid ministers
o 1917 invoering algemeen kiesrecht + gelijkstelling bijzonder onderwijs
o 1919 invoering vrouwenkiesrecht
Na 1848 machtenscheiding van Montesquieu in de Grondwet
1966 Proeve van een nieuwe Grondwet gepubliceerd instelling
Staatscommissie Cals-Donner
o Stelde enkele fundamentele wijzigingen voor, bijv. kiezers meer directe
invloed op regeringsvorming
o Geen weerklank in parlement
Betekenis van de Grondwet voor het staatsrecht:
Niet alle staatsrechtelijke verhoudingen zijn in de Grondwet weergegeven
Vroeger werd om die reden betwist dat Nederland een Grondwet moest hebben
o Rigid constitution grondwet is moeilijker te wijzigen dan een gewone wet;
Tweede Kamerverkiezingen en een 2/3e meerderheid in beide kamers
Nadeel: verschil werkelijkheid en grondwet
o Flexible constitution staatsregeling is grotendeels ongeschreven en in
gewone wetten neergelegd en kan dus d.m.v. gewone wet gewijzigd worden
Inhoud en systeem van de Grondwet:
Hoofdstuk 1 grondrechten
Hoofdstuk 2 regering
Hoofdstuk 3 Staten-Generaal
Hoofdstuk 4 organisatie en bevoegdheden Raad van State, Algemene
Rekenkamer en Nationale ombudsman
Hoofdstuk 5 functies van organen
Hoofdstuk 6 rechtspraak
Hoofdstuk 7 provincies, gemeenten, waterschappen en andere openbare
lichamen
Bronnen van het staatsrecht:
Grondwet
Gewoonterechtelijke regels
Geschreven regelingen in de vorm van wetten of amvb’s
Geschiedenis van de Grondwet:
Voor duidelijker overzicht: zie hoorcolleges Staatsrecht week 1 college 1!
1579 Unie van Utrecht, eerste Nederlandse staatsregeling
o Verdrag tussen een aantal soevereine provincies
Einde Republiek der Verenigde Nederlanden Bataafse Republiek
o 1798 Staatsregeling voor het Bataafsche volk (grondwet)
o 1801 en 1805 Staatsregelingen des Bataafschen Volks
o 1806 Constitutie voor het Koningrijk Holland
o 1814 Grondwet voor de Verenigde Nederlanden
o 1815 Grondwet voor het Koninkrijk der Nederlanden (nog steeds van
kracht tegenwoordig na veel wijzigingen)
Belangrijkste wijzigingen Grondwet:
o 1840 invoering strafrechtelijke verantwoordelijkheid ministers
o 1848 invoering politieke verantwoordelijkheid ministers
o 1917 invoering algemeen kiesrecht + gelijkstelling bijzonder onderwijs
o 1919 invoering vrouwenkiesrecht
Na 1848 machtenscheiding van Montesquieu in de Grondwet
1966 Proeve van een nieuwe Grondwet gepubliceerd instelling
Staatscommissie Cals-Donner
o Stelde enkele fundamentele wijzigingen voor, bijv. kiezers meer directe
invloed op regeringsvorming
o Geen weerklank in parlement
Betekenis van de Grondwet voor het staatsrecht:
Niet alle staatsrechtelijke verhoudingen zijn in de Grondwet weergegeven
Vroeger werd om die reden betwist dat Nederland een Grondwet moest hebben
o Rigid constitution grondwet is moeilijker te wijzigen dan een gewone wet;
Tweede Kamerverkiezingen en een 2/3e meerderheid in beide kamers
Nadeel: verschil werkelijkheid en grondwet
o Flexible constitution staatsregeling is grotendeels ongeschreven en in
gewone wetten neergelegd en kan dus d.m.v. gewone wet gewijzigd worden
Inhoud en systeem van de Grondwet:
Hoofdstuk 1 grondrechten
Hoofdstuk 2 regering
Hoofdstuk 3 Staten-Generaal
Hoofdstuk 4 organisatie en bevoegdheden Raad van State, Algemene
Rekenkamer en Nationale ombudsman
Hoofdstuk 5 functies van organen
Hoofdstuk 6 rechtspraak
Hoofdstuk 7 provincies, gemeenten, waterschappen en andere openbare
lichamen