INSPANNINGSFYSIOLOGIE
HOC 05: ENERGIEVERBRUIK EN VERMOEIDHEID
Energieverbruik meten
Met:
- Calorimetrie
- Ergospirometer
Directe calorimetrie
Energiesubstraten + O2 → WARMTE + CO2 + H2O
Efficiëntie van het substraatmetabolisme:
- 40% substraatenergie → ATP
- 60% van substraatenergie → warmte (verlies)
Warmteproductie neemt toe met energieproductie
- Kan worden gemeten in een calorimeter (werd vroeger gedaan)
- Afgesloten ruimte, water stroomt door muren
- Lichaamstemperatuur verhoogt de watertemperatuur van de calorimeter
± 5 kcal warmteproductie → mengsel van koolhydraten, vetten en eiwitten met 1 liter O2
‘verbrand’
PRO:
- Accuraat in tijd
- Goed voor metabole metingen in rust
- +/- aërobe oefening
CONTRA:
- Duur en langzaam
- Trainingsapparatuur voegt extra warmte toe
- Zweet veroorzaakt fouten in metingen
- Niet praktisch of nauwkeurig voor oefening
1
,Indirect calorimeter
= schat het totale energieverbruik van het lichaam op basis van gebruikte O2 en
geproduceerde CO2:
Energiesubstraten + O2 → warmte + CO2 + H2O
- Meet gasconcentraties
- Alleen nauwkeurig voor steady-state oxidatief metabolisme (AEROBIC)
A) Douglas bag (gouden standaard): nauwkeurig maar langzaam
B) Ergospirometrie: snel maar duur
O2 en CO2 berekeningen
VO2 (met rood puntje boven) = eenheid uitgedrukt in L/min (in snelheid)
VO2 = volume O2 verbruikt per minuut
- Snelheid van O2 verbruik
- Ingeademde volume 02 – uitgeademd volume O2
VCO2 = volume CO2 geproduceerd per minuut
- Snelheid van CO2 productie
- Volume van uitgeademde CO2 - volume ingeademde
Haldane transformatie
- Ve van ingeademde O2 is niet altijd = Ve van uitgeademde CO2
- Ve van ingeademde N2 altijd = Ve van uitgeademde N2 à stikstof wordt niet verbruikt
Haldane-transformatie
= formule waarmee je V van geïnspireerde lucht (onbekend) kan berekenen uit V van
uitgeademde lucht (bekend)
à Gebaseerd op constantheid van N2-volumes
2
, Hoeveelheid zuurstof dat lichaam gaat gebruiken hangt af van:
- Rust/inspanning
- Intensiteit inspanning
Respiratoir Quotiënt (RQ) – respiratoir exchange ratio (RER)
à O2-verbruik tijdens metabolisme hangt af van het type brandstof dat wordt geoxideerd
- Meer koolstofatomen in molecuul = meer O2 nodig
- Glucose (C6H12O6) < palmitinezuur (C16H32O2)
Respiratoir Quotiënt (RQ)
RQ = gemeten op cellulair niveau (spiervezel) met aërobe voorwaarden
Welke energiesubstraten gaan we gebruiken in rust: vetten en koolhydraten (combinatie)
Hoeveel van wat?
à Hangt af van getraindheid: hoe beter getraind, hoe meer vetten je gaat verbruiken (in rust)
Enkel koolhydraten worden verbruikt RQ = 1
Enkel vetten worden verbruikt RQ = 0,7
3
HOC 05: ENERGIEVERBRUIK EN VERMOEIDHEID
Energieverbruik meten
Met:
- Calorimetrie
- Ergospirometer
Directe calorimetrie
Energiesubstraten + O2 → WARMTE + CO2 + H2O
Efficiëntie van het substraatmetabolisme:
- 40% substraatenergie → ATP
- 60% van substraatenergie → warmte (verlies)
Warmteproductie neemt toe met energieproductie
- Kan worden gemeten in een calorimeter (werd vroeger gedaan)
- Afgesloten ruimte, water stroomt door muren
- Lichaamstemperatuur verhoogt de watertemperatuur van de calorimeter
± 5 kcal warmteproductie → mengsel van koolhydraten, vetten en eiwitten met 1 liter O2
‘verbrand’
PRO:
- Accuraat in tijd
- Goed voor metabole metingen in rust
- +/- aërobe oefening
CONTRA:
- Duur en langzaam
- Trainingsapparatuur voegt extra warmte toe
- Zweet veroorzaakt fouten in metingen
- Niet praktisch of nauwkeurig voor oefening
1
,Indirect calorimeter
= schat het totale energieverbruik van het lichaam op basis van gebruikte O2 en
geproduceerde CO2:
Energiesubstraten + O2 → warmte + CO2 + H2O
- Meet gasconcentraties
- Alleen nauwkeurig voor steady-state oxidatief metabolisme (AEROBIC)
A) Douglas bag (gouden standaard): nauwkeurig maar langzaam
B) Ergospirometrie: snel maar duur
O2 en CO2 berekeningen
VO2 (met rood puntje boven) = eenheid uitgedrukt in L/min (in snelheid)
VO2 = volume O2 verbruikt per minuut
- Snelheid van O2 verbruik
- Ingeademde volume 02 – uitgeademd volume O2
VCO2 = volume CO2 geproduceerd per minuut
- Snelheid van CO2 productie
- Volume van uitgeademde CO2 - volume ingeademde
Haldane transformatie
- Ve van ingeademde O2 is niet altijd = Ve van uitgeademde CO2
- Ve van ingeademde N2 altijd = Ve van uitgeademde N2 à stikstof wordt niet verbruikt
Haldane-transformatie
= formule waarmee je V van geïnspireerde lucht (onbekend) kan berekenen uit V van
uitgeademde lucht (bekend)
à Gebaseerd op constantheid van N2-volumes
2
, Hoeveelheid zuurstof dat lichaam gaat gebruiken hangt af van:
- Rust/inspanning
- Intensiteit inspanning
Respiratoir Quotiënt (RQ) – respiratoir exchange ratio (RER)
à O2-verbruik tijdens metabolisme hangt af van het type brandstof dat wordt geoxideerd
- Meer koolstofatomen in molecuul = meer O2 nodig
- Glucose (C6H12O6) < palmitinezuur (C16H32O2)
Respiratoir Quotiënt (RQ)
RQ = gemeten op cellulair niveau (spiervezel) met aërobe voorwaarden
Welke energiesubstraten gaan we gebruiken in rust: vetten en koolhydraten (combinatie)
Hoeveel van wat?
à Hangt af van getraindheid: hoe beter getraind, hoe meer vetten je gaat verbruiken (in rust)
Enkel koolhydraten worden verbruikt RQ = 1
Enkel vetten worden verbruikt RQ = 0,7
3