100% tevredenheidsgarantie Direct beschikbaar na je betaling Lees online óf als PDF Geen vaste maandelijkse kosten 4.2 TrustPilot
logo-home
College aantekeningen

Complete (web)colleges Advanced Quantitative Methods

Beoordeling
-
Verkocht
12
Pagina's
44
Geüpload op
07-03-2022
Geschreven in
2021/2022

Hierin staan alle (web)colleges van het vak Advanced Quantitative Methods uit (0.a.) Sociologie jaar 3. Helemaal compleet en onwijs nuttig! Succes.












Oeps! We kunnen je document nu niet laden. Probeer het nog eens of neem contact op met support.

Documentinformatie

Geüpload op
7 maart 2022
Aantal pagina's
44
Geschreven in
2021/2022
Type
College aantekeningen
Docent(en)
Jennifer a. holland
Bevat
Alle colleges

Voorbeeld van de inhoud

Web- en hoorcolleges Advanced Quantitative Methods


Overzicht (web)colleges

Week 1 ..................................................................................................................................................... 2
Webcollege 0 – Herhaling ................................................................................................................... 2
Webcollege 1 – Schaalanalyse............................................................................................................ 4
College 1 – Factoranalyse & betrouwbaarheidsanalyse ................................................................... 5
Week 2 ................................................................................................................................................... 11
Webcollege 2 – Conceptuele modellen & regressie ........................................................................ 11
College 2 – Multivariate regressie & mediatie ................................................................................ 14
Week 3 ................................................................................................................................................... 22
Webcollege 3 – Moderatie ............................................................................................................... 22
College 3 – Moderatie & multicollineariteit .................................................................................... 28
Week 4 ................................................................................................................................................... 36
Webcollege 4 – Dichotome variabelen ............................................................................................ 36
College 4 – Logistische regressie ...................................................................................................... 38
Week 5 ................................................................................................................................................... 44
College 5 – Herhaling ........................................................................................................................ 44




1

,Web- en hoorcolleges Advanced Quantitative Methods


Week 1
Webcollege 0 – Herhaling

Inferentiële statistiek
▪ Beschijvende statistiek: beschrijven, organiseren, samenvatten en weergeven.
▪ Inferentiële statistiek: probabilistische methoden om een steekproef te analyseren om iets te
zeggen over een populatie.
- We hebben een verwachting over de populatie, maar omdat we geen data over de gehele
populatie kunnen verzamelen, nemen we een willekeurige steekproef om de hypothese te
toetsen.
- Op basis van de uitkomst van de toets kunnen we wel/niet uitspraken doen over de populatie.

Hypothesen
▪ Altijd geformuleerd als stelling.
▪ De alternatieve hypothese (H1) stelt wat we echt verwachten.
▪ De nulhypothese (H0) het tegenovergestelde.
- Bv. H1: Er bestaat een (positief = gericht) verband tussen leeftijd en inkomen.
- H0: Er bestaat geen (positief) verband tussen leeftijd en inkomen.

Hypothese en p-level
▪ We weten nooit helemaal zeker of iets is zoals het lijkt te zijn.
▪ Het onzekerheidsniveau (hoe waarschijnlijk het is dat we het mis hebben) dat we toelaten,
leggen we vast op maximaal 5% (α = 0,05).
- We hebben dus maximaal 5% kans dat we de nulhypothese afwijzen terwijl we dat niet hadden
mogen doen (Type I-fout).
- En minimaal 95% kans dat onze verwachting geformuleerd in de alternatieve hypothese ‘waar’
is.
▪ Het p-level is 5% of p = 0,05. Als onze gevonden kans kleiner is dan p, mogen we de
nulhypothese afwijzen.
➔ Dus: als p < 0,05 dan wordt H0 afgewezen.

T-toets voor onafhankelijke groepen (statistische toets(en) voor hypothesen over relaties tussen
variabelen)
▪ Onafhankelijke variabele (X): binaire nominale (dichotome) variabele = de groep, bv. man en
vrouw.
▪ Afhankelijke variabele (Y): interval of ratio (‘continu’ variabele) = hierin wordt verschil
verwacht, bv. inkomen.
▪ Hypothesen gaan altijd over een verschil tussen de gemiddelden van twee groepen: bestaat
dit verschil ook in de populatie?
▪ We kunnen een uitspraak doen over de richting van het verschil.
▪ Dezelfde hypothese kan met lineaire bivariate regressie.

Correlatie
▪ Onafhankelijke variabele: variabele met minimaal een ordinaal meetniveau.
▪ Afhankelijke variabele: variabele met minimaal een ordinaal meetniveau.
▪ Hypothesen gaan altijd over een verband tussen de twee variabelen.
- We kunnen een uitspraak doen over de richting van het verband.


2

,Web- en hoorcolleges Advanced Quantitative Methods


▪ Voor ratio/interval meetniveau: dezelfde hypothese kunnen we met lineaire bivariate
regressie toetsen.
▪ Correlatie is positief, negatief of nul.
▪ Correlatie is tussen -1 en +1.
- ± 1 perfecte correlatie.
- Tussen ± 0,9 en ± 0,7 sterke correlatie.
- Tussen ± 0,6 en ± 0,4 matige correlatie.
- Tussen ± 0,3 en ± 0,1 zwakke correlatie.
- ± 0 geen correlatie.
▪ Correlatie kan significant afwijken van nul (p < 0,05). Als dat zo is, mogen we H0 afwijzen.

Twee soorten correlatie
▪ De Pearson correlatie (r) meet de lineaire samenhang tussen twee continu (interval of ratio)
gemeten variabelen.
▪ De Spearman correlatie meet non-lineaire (monotonisch = één richting, positief of negatief)
samenhang tussen twee continu (interval of ratio) of ordinaal gemeten variabelen.

Correlatie en regressie
▪ De hypothese van een correlatie kan ook met regressie analyse getoetst worden.
▪ We kunnen op basis van correlatie geen uitspraken doen over hoeveel inkomen (Y) toeneemt
(of afneemt) naarmate leeftijd (X) toeneemt → daarvoor is regressie.
- Een verband kunnen aantonen betekent niet dat er een causale relatie bestaat tussen X en Y.

Lineaire regressie
▪ Afhankelijke variabele: variabele interval of ratio (altijd continu) meetniveau.
▪ Onafhankelijke variabele:
- Binair nominaal (= dichotoom) meetniveau (geval t-toets).
- Ratio/interval meetniveau (geval correlatie) of nominaal (meerdere categorieën) of ordinaal.
▪ Hypothesen gaan over een verschil of verband tussen de twee variabelen.
▪ We kunnen een uitspraak doen over de richting van het verschil/verband.
▪ Hoeveel neemt een variabele (Y) toe of af als een andere variabele (X) toeneemt?
- We maken op basis van de onafhankelijke X-variabele een voorspelling voor de waarde op de
afhankelijke Y-variabele.
▪ Bivariate regressie: het voorspellen van Y op basis van X.
- We schatten het verband tussen twee variabelen.
- We schatten Y als lineaire functie van X.
- We willen de variantie in de afhankelijke Y voorspellen.
- Dit doen we met behulp van X.
▪ Multivariate regressie: het voorspellen van Y op basis van X1, X2, X3 etc.

Regressievergelijking
▪ Y’ = a + b * X
- Oftewel: we voorspellen Y (Y’) op basis van de constante/intercept (a) en de waarde op de
onafhankelijke variabele X vermenigvuldigd met een richtingscoëfficiënt (b).
▪ De constante a geeft aan hoe groot de voorspelde Y is als X nul is. (Waar de lijn de Y as snijdt)
- Over de constante formuleren we geen hypothese. Als bij de constante p < 0,05 is, dan weten
we dat de constante significant afwijkt van nul. Meer niet.


3

, Web- en hoorcolleges Advanced Quantitative Methods


▪ De richtingscoëfficiënt b geeft aan hoeveel de voorspelde Y toe- of afneemt als X met één
eenheid toeneemt.
- Over de richtingscoëfficiënt formuleren we wél een hypothese. Als bij de richtingscoëfficiënt
p < 0,05 is, dan mogen we de nulhypothese afwijzen.
▪ Het verschil tussen de voorspelde Y’ en de echte Y is de residuele variatie.

Voorspellingsfout
▪ De afwijking van de voorspelde Y-waarde van de geobserveerde Y-waarde.
Y=a+b*X+E
- Oftewel: de voorspelde Y (Y’) wijkt af van de geobserveerde Y (Y).
▪ Deze afwijking noemen we de voorspellingsfout of het residu: E.

Let op!
▪ Verband ≠ causaliteit: ook op basis van regressie geen causale uitspraken mogelijk.
▪ Outliers: extreme observaties kunnen de voorspelling vertekenen.
▪ Extrapolation: maak geen voorspelling voor x-waarden waarvoor je geen observaties hebt (bv.
leeftijd = 0 of leeftijd = 150).

Webcollege 1 – Schaalanalyse

Sociologische onderwerpen
▪ (Abstracte) latente constructen: bv. tevredenheid met de buurt, vertrouwen in instituties, SES
of houdingen ten opzichte van immigranten.
▪ Dit conceptualiseren (operationalisatie en meten).

Schaalconstructie
▪ Moeilijk aan te duiden met één vraag → meten door set van vragen (items).
▪ Antwoorden op meerdere vragen samen nemen.
▪ Somschaal (de waarden van de originele variabele gaan verloren en er is geen schaal voor
mensen met missende waarden) of gemiddelde schaal per respondent (hier wel ^).
▪ Voordelen:
- Meer variatie in antwoorden, dus beter onderscheid tussen respondenten.
- Betere gezamenlijke validiteit dan losse vragen.
- Betere betrouwbaarheid dan losse vragen.
- Minder erg wanneer een antwoord mist.
➔ Minimaal drie vragen (items) en antwoorden samen nemen om een beter begrip te krijgen van
het complexe concept (bv. houding ten opzichte van immigranten).

Validiteit en betrouwbaarheid
▪ Validiteit: meet mijn schaal wat ik wil meten? / Raken mijn vragen mijn doel?
▪ Betrouwbaarheid: meet mijn schaal elke keer hetzelfde concept? / Raken mijn vragen
hetzelfde doel?
▪ Twee manieren om validiteit en betrouwbaarheid van een schaal te checken:
1. Factoranalyse (validiteit).
2. Betrouwbaarheidsanalyses.




4

Maak kennis met de verkoper

Seller avatar
De reputatie van een verkoper is gebaseerd op het aantal documenten dat iemand tegen betaling verkocht heeft en de beoordelingen die voor die items ontvangen zijn. Er zijn drie niveau’s te onderscheiden: brons, zilver en goud. Hoe beter de reputatie, hoe meer de kwaliteit van zijn of haar werk te vertrouwen is.
lsociologiestudent30 Erasmus Universiteit Rotterdam
Bekijk profiel
Volgen Je moet ingelogd zijn om studenten of vakken te kunnen volgen
Verkocht
142
Lid sinds
6 jaar
Aantal volgers
72
Documenten
24
Laatst verkocht
1 maand geleden

4,3

8 beoordelingen

5
3
4
4
3
1
2
0
1
0

Recent door jou bekeken

Waarom studenten kiezen voor Stuvia

Gemaakt door medestudenten, geverifieerd door reviews

Kwaliteit die je kunt vertrouwen: geschreven door studenten die slaagden en beoordeeld door anderen die dit document gebruikten.

Niet tevreden? Kies een ander document

Geen zorgen! Je kunt voor hetzelfde geld direct een ander document kiezen dat beter past bij wat je zoekt.

Betaal zoals je wilt, start meteen met leren

Geen abonnement, geen verplichtingen. Betaal zoals je gewend bent via iDeal of creditcard en download je PDF-document meteen.

Student with book image

“Gekocht, gedownload en geslaagd. Zo makkelijk kan het dus zijn.”

Alisha Student

Veelgestelde vragen