Geschreven door studenten die geslaagd zijn Direct beschikbaar na je betaling Online lezen of als PDF Verkeerd document? Gratis ruilen 4,6 TrustPilot
logo-home
Samenvatting

Samenvattingen Ontwikkelingspsychologie hfst. 8 t/m 16

Beoordeling
-
Verkocht
-
Pagina's
23
Geüpload op
27-03-2023
Geschreven in
2020/2021

Er zijn delen van het boek Ontwikkelingspsychologie samengevat. De belangrijkste begrippen, psychologen, pedagogen en kennis is op een rij gezet zodat duidelijk is welke psycholoog gekoppeld is aan de ontwikkelingen.

Voorbeeld van de inhoud

Samenvattingen Pedagogiek Ontwikkelingspsychologie
Hoofdstuk 8 De fysieke ontwikkeling in de peuter- en kleutertijd
8.1 Fysieke groei
Twee jaar na de geboorte weegt een gemiddeld kind 11,5 – 12,5 kilo en is 90 centimeter lang. Achter
deze gemiddelden gaan grote individuele verschillen schuil:
In het 6de levensjaar zijn jongens gemiddeld langer en zwaarder dan meisjes
Er is een verschil in economisch ontwikkelde langen en ontwikkelingslanden
Er is een verschil in de economische factoren binnen een land
Vorm: in de kleutertijd verliezen kinderen hun mollige en ronde vormen, verbrand een deel van het
vet en komen de verhoudingen grotendeels overeen met die van een volwassenen.
Als een kind 5 jaar is, hebben de hersenen bijna de grootte en gewicht bereikt van gemiddelde
volwassen hersenen. Hersenen groeien snel doordat:
Het aantal verbindingen tussen de cellen toeneemt
Stijging van de hoeveelheid myeline: een vettige substantie die de neuronen beschermt en de
overdracht van zenuwsignalen versnelt
Helpt bij grove en fijne motoriek en vaardigheden
Corpus callosum: een bundel zenuwvezels die de twee hersenhelften met elkaar verbindt.
Lateralisatie: het proces waarbij bepaalde functies hun plek eerder in de ene hersenhelft dan in de
andere hersenhelft vinden.
Linkerhersenhelft: praten, lezen, denken, redeneren; benadert informatie sequentieel: één stukje
informatie tegelijk
Rechterhersenhelft: ruimtelijk inzicht, herkenning van patronen en tekeningen, muziek, emotionele
uitingen; verwerkt informatie op een globale manier en behandelt dat als één geheel.
De rijping van de hersenen leidt tot een betere beheersing van oogbewegingen en om scherp te
stellen (kunnen ze pas als ze 6 jaar zijn).
Perceptuele schematisering: het vermogen om tegelijkertijd het geheel en de afzonderlijke delen te
onderscheiden.
Het gehoor wordt scherper: Eustachiusbuis (die geluiden van het buitenste deel van het oor naar het
binnenste deel geleidt en die bij de geboorte horizontaal ligt) komt in de hoek te liggen.

8.2 Motorische ontwikkeling
Motorische vaardigheden ontwikkelen snel door:
Veel te oefenen
De fysieke behendigheid neemt toe
Verschillen tussen actieve en inactieve kinderen kan komen door:
In de babytijd al inactief te zijn
De genen
De omgevingsfactoren
De ontwikkeling van de grote motoriek verschilt op een aantal punten tussen jongens en meisjes:
Jongens zijn gemiddeld sterker
Activiteitsniveau van jongens is hoger
Meisjes zijn beter in de coördinatie van de armen en benen
Gender bepaalt de soort activiteiten dat de maatschappij acceptabel vindt
Fijne motoriek: gaat het om de subtielere lichaamsbewegingen (gebruik van bestek, schrijven,
knippen met een schaar). Op 3-jarige leeftijd gaat dit nog niet soepel; op 4-jarige leeftijd al aanzienlijk
beter; op 5-jarige leeftijd kunnen kinderen al een dun potlood vasthouden.
‘Elimination communication’: baby’s dragen geen luiers en de verzorgers al vanaf de geboorte op
basis van timing, signalen van de baby en intuïtie op tijd zorgen dat de baby op een geschikte plek
zijn behoefte kan doen.
NCJ zegt dat het tijdstip om te starten met zindelijkheidstraining en de duur per kind verschilt:
Eerst moet het kind controle krijgen over de blaas en de ingewanden
Daarna moet het interesse tonen in het poepen en plassen

,Vervolgens moet het kind interesse tonen in het potje
Links- of rechtshandig: een duidelijke voorkeur voor het gebruik van een bepaalde hand, die zich
meestal aan het einden van de kleutertijd manifesteert.
Volgens ontwikkelingsdeskundigen speelt de kindertekening een belangrijke rol bij het
perfectioneren van de fijne motoriek en ook bij andere aspecten van de ontwikkeling. Het tekenen
leert hun een aantal belangrijke lessen, zoals het belang van planning, zelfbeheersing en
zelfcorrectie.
Volgens andere deskundigen doorlopen de tekeningen van peuters en kleuters een aantal stadia:
Krabbelstadium: het eindproduct bestaat uit ogenschijnlijk willekeurige strepen op het papier.
Vormstadium: (3 jaar) kenmerkt zich door het verschijnen van vormen.
Ontwerpstadium: waarin ze het vermogen ontwikkelen om meer dan één eenvoudige vorm te
combineren tot een complexere vorm.
Picturale stadium: hun tekeningen beginnen op herkenbare objecten uit de wereld te lijken (4-5 jaar).

, Hoofdstuk 9 De cognitieve ontwikkeling in de peuter- en kleutertijd
9.1 De intellectuele ontwikkeling
Jean Piaget  volgens hem bestrijken de peuter en kleutertijd 1 stadium in cognitieve ontwikkeling =
het preoperationele stadium: periode van 2-7 jaar, waarin het gebruik van symbolische denken
groeit, het vermogen om te redeneren ontstaat en het gebruik van concepten toeneemt. Piagets
theorie is gebaseerd op weinig kinderen en reversibiliteit  een besef dat een transformatie kan
worden omgekeerd om iets weer in zijn oorspronkelijk staat terug te brengen. Gelman concludeert
dat het begrip van taal en rekenen is aangeboren (universeel en genetisch).
Denkoperaties: georganiseerde, formele, logische mentale processen.
Symboolgebruik: het vermogen ome en mentaal symbool, een object of woord te gebruiken om iets
wat niet fysiek aanwezig is weer te geven of te vervangen. Symboolgebruik vormt de kern van een
grote vorderingen die kinderen maken in de preoperationele periode  hun steeds complexere
taalgebruik.
Pictogrammen: een symbool of afbeelding dat de plaats inneemt van een tekst.
Centratie: het vermogen van jonge kinderen om zich op meer dan 1 aspect van een stimulus te
concentreren.
Conservatie: het inzicht dat kwantiteit niet gerelateerd is aan fysieke verschijning. Het gebrek aan
conservatie manifesteert zich ook in de ruimtelijke inzicht van kinderen.
Transformatie: het proces waarbij de ene toestand verandert in de andere.
Egocentrisme: het onvermogen om zich te verplaatsen in anderen. Dit kent 2 vormen:
Het gebrek aan besef dat anderen dingen vanuit een ander fysiek perspectief zien.
Het onvermogen om zich te realiseren dat anderen, gedachten, gevoelens en standpunten hebben
die verschillen van de eigen gedachten, gevoelens en standpunten.
Intuïtief denken: vorm van denken waarbij peuters en kleuters kennis over de wereld proberen te
verwerven met behulp van primitief redeneren (waardoor ze vaak niet-kloppende verklaringen
hebben over alles wat ze waarnemen).
Functionaliteit  houdt in dat acties, gebeurtenissen en resultaten volgens vaste patronen aan
elkaar gekoppeld zijn.
Autobiografisch geheugen: de herinnering aan specifieke gebeurtenissen uit ons eigen leven. Een van
de cruciale factoren voor de nauwkeurigheid van het geheugen van peuters en kleuters is de wijze
waarop ze de gebeurtenissen waarderen.
Script: een algemene weergave in het geheugen van gebeurtenissen en de volgorde waarin ze
optreden. Het geheugen is gevoelig voor de suggesties van anderen.
Identiteit  het besef dat bepaalde dingen hetzelfde blijven ongeacht veranderingen in vorm,
omvang en uiterlijk.
Conservatiebegrip  het besef dat kwantiteit niet gerelateerd is aan fysieke verschijning.
De informatieverwerkingstheorie is gebaseerd op duidelijke processen met een uitgebreide logische
reeks van concepten. Het brengt ook kritiek me zich mee:
De theorie gat door haar focus op enkelvoudige, individuele cognitieve processen waarbij aan een
aantal belangrijke factoren die cognitie lijken te beïnvloeden.
Het oog voor detail geeft geen inzicht over het geheel.
Vygotsky zag cognitieve ontwikkeling als resultaat van sociale interacties waarin kinderen leren door
geleide participatie (sociale en culturele wereld is de bron). Culturele en maatschappelijke factoren
bepalen de aard van samenwerking.
De zone van de naaste ontwikkeling/zone of proximal development (ZPD): het niveau waarop een
kind een taak bijna, maar nog niet helemaal zelfstandig kan begrijpen of uitvoeren.
Scaffolding: ondersteunen bij leren of probleemoplossing die net boven het huidig niveaus van het
kind ligt en geleidelijk wordt afgebouwd, zodat dit de zelfstandigheid en groei bevordert.
Culturele hulpmiddelen zijn zowel concrete, fysieke objecten (potloden, papier, computer) als een
intellectueel en conceptueel raamwerk voor het oplossen van problemen.

Documentinformatie

Heel boek samengevat?
Nee
Wat is er van het boek samengevat?
Hoofdstuk 8 t/m 16
Geüpload op
27 maart 2023
Aantal pagina's
23
Geschreven in
2020/2021
Type
SAMENVATTING

Onderwerpen

€6,24
Krijg toegang tot het volledige document:

Verkeerd document? Gratis ruilen Binnen 14 dagen na aankoop en voor het downloaden kun je een ander document kiezen. Je kunt het bedrag gewoon opnieuw besteden.
Geschreven door studenten die geslaagd zijn
Direct beschikbaar na je betaling
Online lezen of als PDF

Maak kennis met de verkoper

Seller avatar
De reputatie van een verkoper is gebaseerd op het aantal documenten dat iemand tegen betaling verkocht heeft en de beoordelingen die voor die items ontvangen zijn. Er zijn drie niveau’s te onderscheiden: brons, zilver en goud. Hoe beter de reputatie, hoe meer de kwaliteit van zijn of haar werk te vertrouwen is.
hollystammers29 Hogeschool IPABO
Bekijk profiel
Volgen Je moet ingelogd zijn om studenten of vakken te kunnen volgen
Verkocht
117
Lid sinds
3 jaar
Aantal volgers
58
Documenten
7
Laatst verkocht
4 weken geleden

4,2

15 beoordelingen

5
5
4
8
3
2
2
0
1
0

Recent door jou bekeken

Waarom studenten kiezen voor Stuvia

Gemaakt door medestudenten, geverifieerd door reviews

Kwaliteit die je kunt vertrouwen: geschreven door studenten die slaagden en beoordeeld door anderen die dit document gebruikten.

Niet tevreden? Kies een ander document

Geen zorgen! Je kunt voor hetzelfde geld direct een ander document kiezen dat beter past bij wat je zoekt.

Betaal zoals je wilt, start meteen met leren

Geen abonnement, geen verplichtingen. Betaal zoals je gewend bent via iDeal of creditcard en download je PDF-document meteen.

Student with book image

“Gekocht, gedownload en geslaagd. Zo makkelijk kan het dus zijn.”

Alisha Student

Bezig met je bronvermelding?

Maak nauwkeurige citaten in APA, MLA en Harvard met onze gratis bronnengenerator.

Bezig met je bronvermelding?

Veelgestelde vragen