KLOPTO2
Clinical aspects of the macula; deel 1 Hoorcollege 1
Macula
̵ Bevat 10% van alle kegeltjes
̵ Essentiële rol van het RPE
̵ Umbo: depressie in centrale deel van de foveola.
▪ Deze geeft de foveale lichtreflex.
FAZ: foveale avasculaire zone
- Avasculair, omdat je er anders tegenaan zou kijken en je de details die je
nu waarneemt niet zou kunnen zien.
- Minder diepe lagen van de retina worden voorzien van bloed door de
arterie centralis retinae. De choroidea verzorgt de FAZ van bloed.
- Alleen kegeltjes.
- 6 lagen dip i.p.v. 10, de binnenste 4 lagen worden naar buiten geduwd
waardoor je centraal een minder dikke retina hebt. → ILM en INL worden weggeduwd.
Sensorische lagen van de retina:
RPE: retinaal pigment epitheel
- Los verbonden met de sensorische retina (embryologie)
- Enkele laag cellen
- Zeer gepigmenteerd
- Functies:
▪ Absorptie van licht
▪ Epitheel transport → actief voedingsstoffen naar binnen en
afvalstoffen naar buiten brengen dmv tight-junctions
▪ Fagocyteert de resten van de buitenste segment
fotoreceptoren → opnemen van schijfjes van fotoreceptoren
▪ Bevordert doorvoer van het bloed van de choroidea
▪ Regeneratie van visueel pigment epitheel
- Wanneer je hier een verstoring krijgt, geeft het een verstoring in het beeld, omdat de
fotoreceptoren niet meer goed geregenereerd worden.
Membraan van Bruch
- Tussen RPE en choroidea; bindt stevig met de RPE.
- Zorgt voor een barrière tussen de RPE en choroidea waar geen bloedvaten doorheen gaan, maar
wel bloed. Wanneer het aangedaan is, kunnen er verschillende stoffen doorheen komen.
,KLOPTO2
Choroidea
- Opgebouwd uit arteriolen, venulen en dicht gefenestreerd capillair netwerk
- Zeer sterke doorbloeding
- Verzorgt het RPE en de diepe lagen van de retina van voeding
Onderzoekstechnieken van de macula
- Symptomen bij problemen in de macula: last van vervorming,
visus, micropsie (bij oedeem; verkleining van het beeld),
macropsie (bij MD; vergroting van het beeld)
▪ Visus, GGB, Amsler, gezichtsveldonderzoek
Macula in beeld brengen door:
- Funduscopie: DO, VOLK, MIO en BIO.
▪ Direct oogspiegelen
▪ VOLK: oogspiegelen met 90D lens; details waarnemen.
▪ MIO: geen diepte. Kan niet meegekeken worden, dus
wordt niet tijdens tentamen uitgevoerd.
▪ BIO: diepte. Handig voor het screenen omdat je de periferie kan zijn. Veel gebruikt als
men last heeft van flitsen en floaters, omdat je het hele netvlies in beeld brengt.
- FAG onderzoek: fluoresceintie angiografie
▪ Invasieve procedure.
▪ Wordt fluoresceïne ingespoten wat in de bloedbaan komt en
waardoor je lekkages kunt zien.
▪ Gedurende een periode van 5 minuten, binnen 20 seconden zie je al
de eerste fluoresceïne. Binnen 2/3 uur verdwijnt het weer. Het wordt
uitgeplast en de huid kan geel kleuren. Gemaakt van schaal- en FAG
schelpdieren dus bij een allergie mag dit niet gebruikt worden. Je
kunt er ook misselijk van worden, omdat de kleurstof langs de maag
komt.
▪ Eerst kleuren de arteriën, dan de vaatwanden, de venen.
▪ Bij neovascularisatie zie je vaak gebieden waar de kleurstof er wat uit
komt, omdat deze vaten minder sterk zijn; nieuwe bloedvaten zijn
zwakker FAG
- ICG: indocyanine green
▪ Indoxinegroen kleurstof waarmee de bloedvaten van de choroidea in
beeld worden gebracht.
- OCT: Optical Coherence Tomography: maakt gebruik van lichtgolven.
▪ Licht wordt op het oog geprojecteerd, hoe lang het duurt voordat het
terug komt, wordt er gekeken of het normaal is of dat er afwijkingen
zijn. ICG
▪ Tegenwoordig vaak een 3D model, handig om uit
te leggen, niet voor diagnostiek.
▪ Het is belangrijk de sterkte in te voeren, omdat
de lichtweg hiervan afhankelijk is
- FAF: Fundus autofluorescentie
▪ Komt niet terug in het tentamen
▪ Wordt tegenwoordig veel gebruikt
▪ Maakt gebruik van lipofusceine, afvalproduct vanuit netvlies. Deze
geeft een fluorescentie-effect. Komt bij veel degeneratieve
afwijkingen voor.
,KLOPTO2
Centrale sereuze retinopathie (CSR)/Managers disease
FAF
- Typische aandoening bij stress, rond de 40-50 jaar
- Wordt niets aan gedaan in het beginstadium (3 à 4 weken), omdat het vanzelf
verdwijnt. Anders eventueel injecties.
- Door het vocht is de laag eronder niet meer goed weer te geven
- Risico’s: corticosteroïden en stress
- Symptomen:
▪ Beeldvervorming te zien met de Amsler
▪ Leesklachten 1 oog
▪ Verminderde centrale visus; visus rond 0,5
- Gevolg: Focale verstoring van de RPE-laag:
▪ Geen foveale reflex
▪ Foveagebied is verheven
▪ FAG laat lekkage zien in het maculagebied.
Maculagat
- Gaatje in de macula, waardoor het gebied eromheen niet goed functioneert
vanwege vochtophoping eronder.
- Oorzaak: men wordt ouder, het glasvocht krimpt door het ouder worden, er
ontstaat een achterste glasvochtloslating, het achterste
glasvochtmembraan trekt te hard aan het netvlies en er ontstaat een
gaatje.
- Vrouwen vaker aangedaan dan mannen
- Meeste gevallen zijn idiopatisch
- Symptomen:
▪ Visusvermindering
▪ Amsler centraal verandering
- Doorsturen afhankelijk van de visus
- Stadia
A. Het achterste glasvochtmembraan trekt aan het netvlies in het gebied van de macula,
waardoor je niet echt meer een mooi deukje waarneemt. Er is nog geen gat aanwezig →
afwachten, 50% spontaan herstel.
B. Er ontstaat een gaatje in de macula. Aan één kant zit het glasvocht nog wel vast. De visus is
verminderd → PPV + gas binnen 6 weken
C. Het glasvocht zweeft boven de macula. Er kunnen cystes ontstaan gevuld met vocht → PPV
+ gas binnen 6 weken
D. Het glasvocht is helemaal losgelaten. Hierbij is de diameter van het macula gat toegenomen
, KLOPTO2
Maculaoedeem
Bij DM, MD of Irvine Gass syndroom.
Behandelt met injecties en vroeger door de omgeving eromheen te
laseren, waardoor de omgeving niet om zuurstof vraagt en je
neovascularisatie krijgt.
- Cystes in plaats van een grote blaas
- Kan als een reactie op de hoeveelheid energie
die tijdens een cataractoperatie wordt
gebruikt ontstaan.
Macula pucker/ERM
̵ Oorzaak: tractie aan de macula zorgt voor microscopische
scheurtjes met littekenvorming op het netvlies.
̵ laagje littekenweefsel of soort vliesje dat groeit over de gele vlek.
Doordat het weefsel in de loop van de tijd enigszins samentrekt,
gaat het onderliggende netvlies wat plooien,
waardoor de kegeltjes in de macula niet meer mooi
geordend zijn en beelden vertekend kunnen zijn;
metamorfopsie. Ook de bloedvaatjes van het netvlies
worden iets naar het centrum getrokken. Soms i.c.m.
maculaoedeem.
̵ Je ziet neovascularisatie naar de macula en Normaal Macula pucker
glinsterend littekenweefsel met gestrekte en gekronkelde
bloedvaten. Meestal is het ziektebeeld stabiel en worden patiënten
niet behandeld.
̵ Een macula pucker kan leiden tot:
▪ Vermindering gezichtsvermogen
▪ Metamorfopsie; begint vaak met deze klacht (dubbelbeelden
met één oog)
▪ Beeldgrootteverschil; beeldverkleining/micropsie
̵ Behandeling
▪ Meestal geen behandeling nodig, alleen bij een visus < 0,5 of storende metamorfopsie bij
binoculair zien
▪ Behandeling: PPV (Pars Plana Vitrectomie) → het membraan over de macula wordt
weggehaald. Je haalt wel gelijk ILM en het glasvocht weg.
Onderverdeling:
1. Primaire pucker: idiopathisch. Gerelateerd aan oudere leeftijd.
2. Secundaire pucker: ontstaan door een operatie of andere oogziekte, zoals een netvliesscheur of
-loslating, uveitis, gezwellen, bloedvatafwijkingen (DM) of een ongeval.