Samenvatting Anatomische termen en Klinisch onderzoek
H1
Anatomie: de bestudering van de levende wezens en hun onderdelen
Onderverdeling in vlakken en assen
Vlakken:
1. Mediaanvlak: ruglijn van de hond
2. Sagittaalvlak: loopt parallel aan mediaanvlak
3. Transversaalvlak: dwars door mediaanvlak heen, van rug tot borst
4. Horizontaal vlak: horizontaal van boeg tot kont
Assen:
1. Lengte-as: spies van neus tot kont varken aan het spies
2. Transversale-as: spies door de zijkant van borst als een koprol
3. Sagittale-as: spies door de bovenkant als een draaimolen
Topografische termen
Lichaam
Dorsaal: aan de rug gelegen
Ventraal: aan de buik gelegen
Mediaal: naar het midden gelegen
Lateraal: naar de zijkant gelegen
Craniaal: naar de kop gelegen
Caudaal: naar de kont gelegen
Rostraal: naar de neus gelegen
Gebit
Oraal: via de mond
Linguaal: aan de kant van de tong
Labiaal: aan de kant van de lip
Buccaal: aan de wang gelegen
Occlusaal: de kauwvlakken
Inwendige lichaamsholten
Parietaal: kant van de buikholte of borstholte met betrekking tot de wand (van orgaan of
lichaam)
Visceraal: kant van de inwendige organen met betrekking tot de ingewanden
Ledenmaten en staart
Proximaal: richting de romp
Distraal: van de romp af
Dorsaal: ‘rugzijde’ voorkant van de poot
Palmair: achterkant van de voorpoot
Plantair: achterkant van de achterpoot
Aboxiaal: aszijde van de voet van de as af
Axiaal: aszijde van de voet naar de as toe
Bewegingsterminologie
Buigen: Flexie
Strekken: extensie
Van lichaam af: abductie
Naar lichaam toe: adductie
Hand geven (soep eten): supinatie
“afweren” (prosten): pronatie
, H2
Stappen voor het onderzoek
1. Opnemen van signalement
2. Afnemen anamnese
3. Opnemen algemeen onderzoek
4. Uitvoeren lichamelijk onderzoek
5. Uitvoeren orgaangericht onderzoek
6. Uitvoeren aanvullend onderzoek
Signalement
Beschrijving van het dier
Herkenning van het dier
Gegevens nodig voor patiëntenkaart:
1. Naam
2. Diersoort
3. Ras
4. Geslacht
5. Leeftijd
6. Kleur en aftekeningen
7. Bijzondere kenmerken
8. Chip-nummer
Vragen voor Anamnese
Wat is het probleem?
Algemene informatie functioneren van het dier
Leefomstandigheden
Voorgeschiedenis patiëntenkaart?
Algemene indruk (= de beoordeling van de patiënt op afstand)
1. Bewustzijnsniveau
2. Gedrag
3. Houding en gang
4. Voedingstoestand
5. Verzorgingstoestand
6. In het oog springende afwijkingen
Bewustzijnsniveau
Alert: toont belangstelling in de omgeving
Sopor: slaperig, minder belangstelling in de omgeving
Stapor: reageert alleen op sterke prikkels
Coma: dier is niet wakker te krijgen
Gedrag (Stress?, normaal?, krabben?, likken?)
Dreigend en imponerend
Actief en onderdanig
Angstig en agressief
Passief en onderdanig
Bij twijfel altijd de eigenaar vragen of het dier dit gedrag ook thuis vertoont
H1
Anatomie: de bestudering van de levende wezens en hun onderdelen
Onderverdeling in vlakken en assen
Vlakken:
1. Mediaanvlak: ruglijn van de hond
2. Sagittaalvlak: loopt parallel aan mediaanvlak
3. Transversaalvlak: dwars door mediaanvlak heen, van rug tot borst
4. Horizontaal vlak: horizontaal van boeg tot kont
Assen:
1. Lengte-as: spies van neus tot kont varken aan het spies
2. Transversale-as: spies door de zijkant van borst als een koprol
3. Sagittale-as: spies door de bovenkant als een draaimolen
Topografische termen
Lichaam
Dorsaal: aan de rug gelegen
Ventraal: aan de buik gelegen
Mediaal: naar het midden gelegen
Lateraal: naar de zijkant gelegen
Craniaal: naar de kop gelegen
Caudaal: naar de kont gelegen
Rostraal: naar de neus gelegen
Gebit
Oraal: via de mond
Linguaal: aan de kant van de tong
Labiaal: aan de kant van de lip
Buccaal: aan de wang gelegen
Occlusaal: de kauwvlakken
Inwendige lichaamsholten
Parietaal: kant van de buikholte of borstholte met betrekking tot de wand (van orgaan of
lichaam)
Visceraal: kant van de inwendige organen met betrekking tot de ingewanden
Ledenmaten en staart
Proximaal: richting de romp
Distraal: van de romp af
Dorsaal: ‘rugzijde’ voorkant van de poot
Palmair: achterkant van de voorpoot
Plantair: achterkant van de achterpoot
Aboxiaal: aszijde van de voet van de as af
Axiaal: aszijde van de voet naar de as toe
Bewegingsterminologie
Buigen: Flexie
Strekken: extensie
Van lichaam af: abductie
Naar lichaam toe: adductie
Hand geven (soep eten): supinatie
“afweren” (prosten): pronatie
, H2
Stappen voor het onderzoek
1. Opnemen van signalement
2. Afnemen anamnese
3. Opnemen algemeen onderzoek
4. Uitvoeren lichamelijk onderzoek
5. Uitvoeren orgaangericht onderzoek
6. Uitvoeren aanvullend onderzoek
Signalement
Beschrijving van het dier
Herkenning van het dier
Gegevens nodig voor patiëntenkaart:
1. Naam
2. Diersoort
3. Ras
4. Geslacht
5. Leeftijd
6. Kleur en aftekeningen
7. Bijzondere kenmerken
8. Chip-nummer
Vragen voor Anamnese
Wat is het probleem?
Algemene informatie functioneren van het dier
Leefomstandigheden
Voorgeschiedenis patiëntenkaart?
Algemene indruk (= de beoordeling van de patiënt op afstand)
1. Bewustzijnsniveau
2. Gedrag
3. Houding en gang
4. Voedingstoestand
5. Verzorgingstoestand
6. In het oog springende afwijkingen
Bewustzijnsniveau
Alert: toont belangstelling in de omgeving
Sopor: slaperig, minder belangstelling in de omgeving
Stapor: reageert alleen op sterke prikkels
Coma: dier is niet wakker te krijgen
Gedrag (Stress?, normaal?, krabben?, likken?)
Dreigend en imponerend
Actief en onderdanig
Angstig en agressief
Passief en onderdanig
Bij twijfel altijd de eigenaar vragen of het dier dit gedrag ook thuis vertoont