MINOR: VOORBEREIDENDE BASIS ACUTE ZORG (VBAZ)
Werkcollege 1: ABCDE- methodiek
ADEMPRIKKEL MET BARORECEPTOREN WETEN
Potentieel instabiele patiënten worden eerst beoordeeld met een primary assessment volgens de
ABCDE-methodiek. Daarna volgt een re-assessment. Als de patiënt is gestabiliseerd, volgt de
secondary assessment met reguliere anamnese, lichamelijk onderzoek en aanvullend onderzoek.
Voorbereiding:
Zorg voor een veilige omgeving, trek beschermende kleding aan (handschoenen, schort).
Bereid de kamer voor: goede kamertemperatuur, hulpmiddelen (bv.
Guedel/mayotube/reanimatiekar) klaarleggen.
Team instrueren ("briefing"): voorbespreking, taken verdelen, specialisten inschakelen.
De primary assessment is een snelle eerste beoordeling van de vitale functies volgens de ABCDE-
methodiek. Er wordt direct gehandeld als er levensbedreigende afwijkingen gevonden worden
volgens het "Treat First, What Kills First" principe. De beoordeling volgt het vaste stramien "Look-
Listen-Feel". Diagnostiek mag acute behandeling nooit vertragen. Het lichamelijk onderzoek
wordt daarom beperkt tot het snel vinden van aanwijzingen voor bedreigde vitale functies.
Overweeg bij elke stap laagdrempelig supervisie of assistentie ("Get Help").
Stabiliseer vitale functies volgens onderstaand ABCDE-schema:
Inademing is hoge obstructie (inspiratoire stridor). Uitademing is lage obstructie (expiratoire
stridor).
,Bij een spanningspneumothorax gaat de bloeddruk omlaag, hartfrequentie omhoog en cyanose
-> gaatje maken in de long (2e en 3e rib of thoraxdrain).
,•
Bij de reassessment wordt de volledige ABCDE (zoals gedaan in de primary assessment) nogmaals
doorlopen. Doel is veranderingen vast te stellen en te beoordelen of de patiënt stabiel is.
Indicatie:
• Bij een verslechtering/verandering van de situatie
• Na een interventie op het moment dat het effect verwacht kan worden
• Na het volledig voor de eerste maal doorlopen van de ABCDE. De patiënt kan pas als
stabiel beschouwd worden als de ABCDE tweemaal is doorlopen en vitale parameters
normaal of herstellend zijn.
Indien blijvend instabiel, "Get Help" (supervisor, anesthesist, intensivist, SEH-arts etc.). Denk aan evt.
behandelbeperkingen van patiënt (reanimatiecode, wel/geen IC-opname).
, Na het afronden van de primary survey en reassessment wordt de patiënt volledig in kaart
gebracht met aanvullende volledige anamnese, een top-tot-teen lichamelijk onderzoek en
gericht aanvullend onderzoek.
Figuur 1 Non rebreathing mask
Verkrijg anamnestische informatie volgens AMPLE:
• Allergies
• Medication (inclusief alcohol- en drugsgebruik)
• Past Medical History
Pregnancy
• Last meal
• Event
Stel op basis van de primary en secondary survey een werkdiagnose op en zet verdere therapie
in.
Aandachtspunten:
• Overplaatsing naar ander centrum, in vroege fase overwegen en inzetten. Alleen stabiele
patiënten kunnen worden overgeplaatst.
• Overwegen aanvullende monitoring:
o Bewaakte opname
o Frequentie controles (MEWS-score, DOS-score, VAS scores etc.)
o Plaatsen urinekatheter met urimeter
o Plaatsen arterielijn
o Plaatsen maagsonde
• Pijnstilling volgens ziekenhuisprotocol
• Infuusbeleid
• Medicatiebeleid
• Antibioticabeleid indien aangewezen volgens ziekenhuisprotocol
• Overweeg tromboseprofylaxe
• Voedingsbeleid en/of dieet
• Behandelbeperkingen (reanimatie-, beademings- en IC-beleid)
® Ziektebeeld bij pre renaal nierfalen: cardiogene shock (bloed komt niet bij de nieren).
® Ziektebeeld bij renaal nierfalen: chronische hypertensie (chronisch te veel druk in de
nieren).
® Ziektebeeld bij post renaal nierfalen: prostaathypertrofie (urineleiders lopen door prostaat,
dus moeite met afvoer).
Werkcollege 2: Hygiëne, infectiepreventie en calamiteiten
De zes stappen van de infectieketen zijn:
1. Ziektekiem (micro-organisme)
2. Besmettingsbron
3. Porte de sortie (bijvoorbeeld als ademhalingswegen de besmettingsbron zijn, zijn niezen,
hoesten, ademen of spreken porte de sortie).
4. Besmettingsweg; contact, (in)direct, druppeltjes of via de lucht.
5. Porte d ‘entrée (manier waarmee ziekteverwekkers het lichaam betreden. De luchtwegen
en maagdarmstelsel zijn het makkelijkst binnen te komen).
6. Gevoelige gastheer
Handhygiëne moet in 5 verschillende situaties worden toegepast:
1. Vóór patiëntencontact
2. Vóór een aseptische handeling (aseptisch is als iets geen stoffen bevat die je ziek kunnen
maken)
3. Na mogelijke blootstelling aan lichaamsvloeistof
4. Ná patiëntencontact
5. Ná contact met patiënten omgeving