MTJS samenvatting boek:
Methoden voor Journalism Studies
H1 (hoort bij HC1)
Eigenschappen van journalistiek:
Vorm: media
Journalistiek is gemediatiseerde communicatie: informatieoverdracht via mediatechnologieën.
Mengvormen komen veel voor, bij TV-journaals komen ook Twitterberichten in beeld en
kranten hebben websites en apps.
Inhoud: nieuws
Nieuws bestaat uit feiten en commentaar. Traditioneel onderscheid tussen Hard en Zacht
Nieuws. Hard nieuws is feitelijke informatie met actualiteitswaarde en maatschappelijk
belang. Bij zacht nieuws ligt de klemtoon op de interesse van het publiek: koken, milieu,
ontspanning, sport. Naast hard en zacht nieuws zijn er ook genres die het nieuws
becommentariëren, analyseren of in een breder kader plaatsen (of er satire op maken).
Stijl: feitelijk
Journalistiek is feitelijke berichtgeving. Feiten moeten zo waarheidsgetrouw, accuraat,
evenwichtig en neutraal mogelijk gebracht worden. Dat is tenminste de theorie. In praktijk is
feitelijkheid een construct. Objectiviteit bestaat niet.
Functie: informeren
Journalistiek heeft een openbare functie. Journalisten moeten de samenleving informeren en
beschermen tegen misbruik van de macht.
Producenten: journalisten
Journalisten zien zichzelf als vakmensen. Dat zijn in de eerste plaats professionals, maar
bloggers en ooggetuigen kunnen ook de rol van journalist vullen. Hoewel het onderscheid
tussen de twee aan het vervagen is, zien journalisten zichzelf nog steeds als vakmensen.
Consumenten: publiek
De monopoliepositie verschuift. Pre-internet was informatie schaarser. Nieuwsmedia hadden
hierdoor een soort monopolie op nieuws, dit is verdwenen door het internet.
De journalistiek verandert. De grens tussen producent en consument vervaagt. Iedereen kan
via internet nieuws verspreiden. Informatie die voorheen alleen voor journalisten toegankelijk
was, is dat nu voor iedereen. Advertentie-inkomsten dalen. Oplages en kijkcijfers dalen. Op
redacties stijgt de werkdruk. Journalisten experimenteren met nieuwe media, formats en
inhoud.
De wetenschappelijke context waarin dat veranderd communicatieproces wordt bestudeerd, is
Journalism Studies.
Kenmerken van journalism studies:
Parapluterm: heterogeen studieobject
Oorsprong: Amerikaanse traditie
, Geworteld in een Amerikaanse onderwijs- en onderzoekstraditie. Daardoor schijnt in het
vakgebied de inrichting van de Anglo-Amerikaanse samenleving door. De eerste Journalism
Schools werden opgericht in Amerika en daar werd ook aandacht besteed aan toegepast
onderzoek en zo werden de fundamenten gelegd voor het vakgebied.
Focus: theorie, praktijk, opleiding
Journalism studies biedt een forum aan zowel wetenschappers als praktijkdocenten en
journalisten. Tussen de journalistieke praktijk en haar wetenschappelijke studie ligt een
wereld van verschil. Veel journalisten vinden dat academici dingen onderzoeken die
overduidelijk zijn, en academici vinden dat journalisten niet kritisch genoeg naar hun
vakgebied kijken.
Verandering: technologie, economie, samenleving (aanleiding voor journalism studies)
Journalism studies bestudeert journalistieke ontwikkelingen en veranderingen. Het gaat dan
om omwentelingen op technologisch, economisch en maatschappelijk vlak.
1. Digitale technologie zorgt voor nieuwe journalistieke bronnen.
2. De journalistiek maakt nu moeilijke economische tijden door.
3. Mensen hebben meer toegang tot informatie dan ooit tevoren.
Normen verschuiven, vorm- en stijlexperimenten zijn volop aan de gang, nieuwe fenomenen
duiken op en nieuwe vraagstukken dienen zich aan.
Ontwikkelingsfase: vakgebied institutionaliseert
Journalism studies maakt een proces van institutionalisering door. Studierichtingen duiken op,
wetenschappelijke organisaties worden talrijker, evenals de kanalen waarin wetenschappers
hun onderzoek publiceren. Zorgt voor een stroom aan wetenschappelijke publicaties. Het
vakgebied formaliseert en professionaliseert.
Methoden voor Journalism Studies:
Kwalitatief Kwantitatief Kennisobject
Bevragen Interview / Survey / enquête Praktijk, inhoud
focusgroep
Observeren Etnografie Experiment Effecten praktijk
Doorlichten Inhoudsanalyse Inhoudsanalyse Effecten inhoud
Observationeel onderzoek naar de journalistieke praktijken en de publieke receptie ervan
levert inzicht op over hoe nieuws wordt geproduceerd en hoe consumenten ermee omgaan.
Met nieuwsetnografie kun je in kaart brengen hoe journalisten bronnen verwerken of hoe
tieners nieuws op hun mobieltjes consumeren. Bij nieuwsetnografie staat de leefwereld van de
onderzochten centraal.
Bij experimenteel onderzoek bedenkt de onderzoeker een gecontroleerde setting waarin hij of
zij nagaat wat de kennis-, gedrags- of houdingseffecten zijn van nieuwsconsumptie, of wat het
effect is van kortere nieuwsitems op de diversiteit van het nieuws.
Inhoudsanalyse is studie maken van journalistieke content: de inhoud van kranten,
radioprogramma's, tv-programma's, verzamelingen persfoto's, blogs, etc. Inhoudsanalyse richt
zich op de inhoud van media, in principe los van het maakproces en het perceptieproces. De
onderzoeker laat de inhoud spreken.
Je kunt ze combineren, dan heb je een mixed method.