Een oefententamen van Methodologie 1
Ik heb alle vragen uitgewerkt en duidelijke uitleg over het antwoord gegeven. Ook heb ik nog wat extra vragen opgezocht en die ook uitgewerkt
mbv: 'Research methods, a process of inquiry'
Succes met je tentamen
a) Kunst en wetenschap hebben niets met elkaar gemeen.
b) Mensen die goed zijn in wetenschap en algebra zijn niet goed in kunst.
c) Wetenschappers zijn, in tegenstelling tot kunstenaars, erg geïnteresseerd
in de natuur.
d) Zowel kunstenaars als wetenschappers zijn nieuwsgierig en creatief.
Omdat: Kunst en wetenschap gaat vaak samen. De manier van denken, de
nieuwsgierigheid etc. hebben ze met elkaar gemeen. Denk aan Da Vinci
(zie pagina 6). B en c kun je niet over alle wetenschappers en kunstenaars
zeggen.
2. Een onderzoeker vermoedt dat leeftijd en geslacht beiden variatie
veroorzaken in de mentale toestand van oudere mensen wanneer zij
bepaalde geneesmiddelen krijgen. In het experiment worden daarom
alleen 70-jarige vrouwen getest. Leeftijd en geslacht zijn
a) Gemanipuleerde onafhankelijke variabelen.
b) Constanten.
c) Gemanipuleerde afhankelijke variabelen.
d) Niet-gemanipuleerde onafhankelijke variabelen.
Omdat: Constanten veranderen niet in je onderzoek. Je kunt ze niet
manipuleren of (gemakkelijk) veranderen. (leeftijd, geslacht, seksualiteit
etc.)
Onafhankelijke variabelen zijn variabelen die reageren op de afhankelijke
variabele (de variabele die je manipuleert in een onderzoek, en waarvan je
verwacht dat die een bepaald effect heeft op de onafhankelijke variabele).
De onafhankelijke variabele: mentale toestand. De afhankelijke variabele:
de geneesmiddelen. De constanten: leeftijd en geslacht.
Oefententamen Methodologie 1. Incl. extra tentamen vragen van eerdere jaren met uitgewerkte
antwoorden!
Door: Adinda Zevenbergen
, 3. Pseudo-wetenschap wordt het meest gebruikt door......
a) Farmacologie bedrijven
b) Onderzoeksassistenten
c) Bedrijven die hun producten op de televisie verkopen
d) Zowel antwoord a, b als c.
Omdat: pseudo wetenschap is als iets op het eerste gezicht (op)
wetenschap (gebaseerd) lijkt, maar het niet zo is. Dus dat doen
farmacologische bedrijven en onderzoeksassistenten (als het goed is) niet.
Alleen de bedrijven bij teleshopping komen daar nog mee weg.
4. Welke van de volgende keuzemogelijkheden is geen feit maar een
construct?
a) Iemands score op een IQ test
b) Het gedrag van een proefpersoon tijdens een angst opwekkende situatie
c) Iemands geheugen
d) De tijd die iemand nodig heeft om een moeilijke taak uit te voeren.
Omdat: Een construct is als iets bedacht is door een wetenschapper en
niet direct observeerbaar is en wordt gebruikt alsof het een feit is.
(zwaartekracht, geheugen, IQ etc.)
Een score of een tijd valt daar dus niet onder, dat is namelijk
observeerbaar. Evenals het gedrag op een specifieke situatie. Maar
geheugen is niet te observeren, zonder dat je er een specifiek
meetinstrument voor nodig hebt (toets, oefeningen etc.)
5. In welke van de volgende fasen van onderzoek heeft de onderzoeker
contact met de proefpersonen?
a) Probleem-definitie fase
b) Procedures- en ontwerp fase
c) Observatie fase
d) Communicatie fase
Oefententamen Methodologie 1. Incl. extra tentamen vragen van eerdere jaren met uitgewerkte
antwoorden!
Door: Adinda Zevenbergen
, Omdat: Je; in de probleem definitie fase (hypothese opstellen), de
procedure- en ontwerpfase (methode bepalen) en de communicatiefase
(over je onderzoek vertellen aan andere wetenschappers via een artikel of
een presentatie) geen contact hebt met een proefpersoon. Al deze fasen
voer je uit achter je bureau (of in een zaal met andere onderzoekers).
6. Een groot verschil tussen differentieel onderzoek en experimenteel
onderzoek is?
a) de statistische toetsen die gebruikt worden
b) de manier waarop de proefpersonen aan de groepen of condities worden
toegewezen
c) in experimenteel onderzoek wordt de toewijzing van een proefpersoon aan
een groep bepaald door een demografische variabele
d) het is moeilijker om differentieel onderzoek te publiceren in een tijdschrift
Omdat: Differentieel onderzoek is: experimenteel onderzoek, maar dan
met bestaande groepen (man/ vrouw, jong/ oud, homo/ hetro) waar je zelf
geen invloed op hebt. Bij experimenteel onderzoek worden de
proefpersonen willekeurig ingedeeld in groepen. Het heeft dus niets te
maken met de statistische toetsen of de publiceerbaarheid. Antwoord c
had correct geweest, als hier gesproken was over een differentieel
onderzoek i.p.v. experimenteel.
7. Het juiste niveau van constraint dat gehanteerd wordt in een studie wordt
bepaald door...
a) de vraag die de onderzoeker wil beantwoorden.
b) overleg met een onafhankelijk consultancy bureau.
c) beslissingen die van te voren gemaakt zijn door het hoofd van het
onderzoeksteam
Oefententamen Methodologie 1. Incl. extra tentamen vragen van eerdere jaren met uitgewerkte
antwoorden!
Door: Adinda Zevenbergen
Voordelen van het kopen van samenvattingen bij Stuvia op een rij:
Verzekerd van kwaliteit door reviews
Stuvia-klanten hebben meer dan 700.000 samenvattingen beoordeeld. Zo weet je zeker dat je de beste documenten koopt!
Snel en makkelijk kopen
Je betaalt supersnel en eenmalig met iDeal, creditcard of Stuvia-tegoed voor de samenvatting. Zonder lidmaatschap.
Focus op de essentie
Samenvattingen worden geschreven voor en door anderen. Daarom zijn de samenvattingen altijd betrouwbaar en actueel. Zo kom je snel tot de kern!
Veelgestelde vragen
Wat krijg ik als ik dit document koop?
Je krijgt een PDF, die direct beschikbaar is na je aankoop. Het gekochte document is altijd, overal en oneindig toegankelijk via je profiel.
Tevredenheidsgarantie: hoe werkt dat?
Onze tevredenheidsgarantie zorgt ervoor dat je altijd een studiedocument vindt dat goed bij je past. Je vult een formulier in en onze klantenservice regelt de rest.
Van wie koop ik deze samenvatting?
Stuvia is een marktplaats, je koop dit document dus niet van ons, maar van verkoper AdindaZevenbergen. Stuvia faciliteert de betaling aan de verkoper.
Zit ik meteen vast aan een abonnement?
Nee, je koopt alleen deze samenvatting voor €2,99. Je zit daarna nergens aan vast.