Casus werkcollege
I. Bereken de verschuldigde belasting/premieheffing volksverzekeringen voor Kees en Miep
in het geval dat ze geen partner zijn.
EERST BOX 1 DAN BOX 2 DAN BOX 3.
-Pleegkind
Wordt gelijkgesteld als kind.
-DGA uitkering loon dan wel dividend
Hij bezit 100% van de aandelen dus een aanmerkelijk belang ogv art 4.6 sub a IB (>5% vereiste).
Dividend wordt belast tegen de dividend belasting.
Loon wordt gezien als een fictieve dienstbetrekking ogv art 4 sub d LB en de BV is de
inhoudingsplichtige art 7 sub j LB.
Het fictief loon is ogv art 12a sub a LB 80.000 * 75% = 60.000 (groter dan 57.500 meestverdienende
dus sub b wordt niet gebruikt).
De overige 90.000 (150.000-60.000) dividend uitkering. Art 4.1 jo. 4.6 jo. 4.12 sub a IB.
Belasting box 2:
2.12 IB
25% van 90.000 = 22.500
-Auto
De auto art 13bis lid 1 jo. lid 2: we gaan er gemakshalve vanuit dat de auto jonger is dan 15 jaar dus
het voordeeltarief van 22% van art 13bis. lid 1 sub a is van toepassing. De CO2 uitstoot is 0 gram per
kilometer dus lid 2 is tevens van toepassing en zodoende wordt het voordeel verlaagt met 18%. Loon
in natura.
In getallen: 22% van 45.000 = 9.900 – (18% van 45.000) = 1.800 voordeel.
Totale loon = 60.000 + 1.800 = 61.800
-Pensioenregeling: middelloonregeling
Art 11 lid 1 sub j LB deel wat de werknemer zelf betaald van de premie. “als bijdrage ingevolge
pensioenregeling” = omkeerregeling. Belangrijkste voorwaarde: voldoen aan art 18 e.v. LB. Er moet
sprake zijn van zuiver pensioen, erkende verzekeraar, omvang van de aanspraak.
, Art 11 lid 1 sub c deel wat de werkgever betaald van de premie.
¾ * 9.000 = 6.750 is vrijgesteld, wordt dus niet opgeteld in je loon en komt ook niet in mindering.
¼ * 9.000 = 2.250 mag in mindering worden gebracht op het loon.
Het belastbare loon:
12a LB: 60.000
13bis1 jo. 2b LB: 1.800 +
11 lid 1 sub j 1 LB: 2.250 -/-
=59.550
-Aflossingsvrije hypotheek + huis
In 2010 aangegaan dus overgangsregeling 10bis.1 IB van toepassing, de hypotheek komt dus wel in
aanmerking als schuld ondanks geen aflossing (vereiste 3.119a IB). Dit betekent dat ogv art 3.120 IB
de kosten en rente in aftrek kunnen worden gebracht in box 1.
Voordeel uit eigen woning 3.111 jo. 3.112 jo. 3.112 lid 2 jo. 3.119a jo. 3.120 IB: 350.000 * 0,65% -
15.000 = -12.725.
Box 1: 3.1 lid 1 jo. lid 2 sub b jo. lid 2 sub e IB
59.550 – 12.725 = 46.825
Belasting over box 1: 2.10 lid 1 IB
7.470 + 5.301 + 4.772 = 17.542
-Effectenportefeuille & spaarrekening
-Portefeuille: 150.000
5.3 lid 2 sub e jo. 5.21
-Spaarrekening: 200.000
5.3 lid 2 sub e jo. 5.19
350.000 is de rendementsgrondslag ogv art 5.1 jo. 5.2 jo. 5.3 lid 1 IB.
350.000 – 30.360 = 319.640 is de grondslag voor s&b na toepassing heffingsvrijvermogen art 5.5 IB.
I. Bereken de verschuldigde belasting/premieheffing volksverzekeringen voor Kees en Miep
in het geval dat ze geen partner zijn.
EERST BOX 1 DAN BOX 2 DAN BOX 3.
-Pleegkind
Wordt gelijkgesteld als kind.
-DGA uitkering loon dan wel dividend
Hij bezit 100% van de aandelen dus een aanmerkelijk belang ogv art 4.6 sub a IB (>5% vereiste).
Dividend wordt belast tegen de dividend belasting.
Loon wordt gezien als een fictieve dienstbetrekking ogv art 4 sub d LB en de BV is de
inhoudingsplichtige art 7 sub j LB.
Het fictief loon is ogv art 12a sub a LB 80.000 * 75% = 60.000 (groter dan 57.500 meestverdienende
dus sub b wordt niet gebruikt).
De overige 90.000 (150.000-60.000) dividend uitkering. Art 4.1 jo. 4.6 jo. 4.12 sub a IB.
Belasting box 2:
2.12 IB
25% van 90.000 = 22.500
-Auto
De auto art 13bis lid 1 jo. lid 2: we gaan er gemakshalve vanuit dat de auto jonger is dan 15 jaar dus
het voordeeltarief van 22% van art 13bis. lid 1 sub a is van toepassing. De CO2 uitstoot is 0 gram per
kilometer dus lid 2 is tevens van toepassing en zodoende wordt het voordeel verlaagt met 18%. Loon
in natura.
In getallen: 22% van 45.000 = 9.900 – (18% van 45.000) = 1.800 voordeel.
Totale loon = 60.000 + 1.800 = 61.800
-Pensioenregeling: middelloonregeling
Art 11 lid 1 sub j LB deel wat de werknemer zelf betaald van de premie. “als bijdrage ingevolge
pensioenregeling” = omkeerregeling. Belangrijkste voorwaarde: voldoen aan art 18 e.v. LB. Er moet
sprake zijn van zuiver pensioen, erkende verzekeraar, omvang van de aanspraak.
, Art 11 lid 1 sub c deel wat de werkgever betaald van de premie.
¾ * 9.000 = 6.750 is vrijgesteld, wordt dus niet opgeteld in je loon en komt ook niet in mindering.
¼ * 9.000 = 2.250 mag in mindering worden gebracht op het loon.
Het belastbare loon:
12a LB: 60.000
13bis1 jo. 2b LB: 1.800 +
11 lid 1 sub j 1 LB: 2.250 -/-
=59.550
-Aflossingsvrije hypotheek + huis
In 2010 aangegaan dus overgangsregeling 10bis.1 IB van toepassing, de hypotheek komt dus wel in
aanmerking als schuld ondanks geen aflossing (vereiste 3.119a IB). Dit betekent dat ogv art 3.120 IB
de kosten en rente in aftrek kunnen worden gebracht in box 1.
Voordeel uit eigen woning 3.111 jo. 3.112 jo. 3.112 lid 2 jo. 3.119a jo. 3.120 IB: 350.000 * 0,65% -
15.000 = -12.725.
Box 1: 3.1 lid 1 jo. lid 2 sub b jo. lid 2 sub e IB
59.550 – 12.725 = 46.825
Belasting over box 1: 2.10 lid 1 IB
7.470 + 5.301 + 4.772 = 17.542
-Effectenportefeuille & spaarrekening
-Portefeuille: 150.000
5.3 lid 2 sub e jo. 5.21
-Spaarrekening: 200.000
5.3 lid 2 sub e jo. 5.19
350.000 is de rendementsgrondslag ogv art 5.1 jo. 5.2 jo. 5.3 lid 1 IB.
350.000 – 30.360 = 319.640 is de grondslag voor s&b na toepassing heffingsvrijvermogen art 5.5 IB.